Vandaag is een grote dag voor Overpelt, want Tom Vangeneugden zwemt de 1500 meter vrije slag op de Spelen in Peking. Mijn ex-dorpsgenoot, ex-schoolgenoot, ex-clubgenoot en ex-ochtendtrainingsmakker (over generatie-X gesproken) heeft in België deze afstand opnieuw naar internationaal niveau getild en staat in eigen land al jaren op eenzame hoogte. Hij heeft zich echter nooit laten vangen door gemakzucht, het gemakkelijke succes om rond de kerktoren een vedette te zijn. Tom is blijven verbeteren en concurrentie opzoeken, waardoor hij nu traint onder de grote Marcel Wouda in Eindhoven. Alleen al voor die moedige beslissing verdient hij tonnen respect.
Zal ik voor de niet-zwemmers eens een geheim verklappen? De 1500 meter is een rotafstand. Niet alleen vraagt deze afstand tientallen saaie trainingskilometers per week, zwemtraining blijft mentaal enorm afstompend, maar ook de wedstrijd zelf is afschuwelijk zwaar. Op het moment dat je volledig verzuurd bent en het zwart wordt voor je ogen, moet je gewoonlijk nog wel een meter of 300-400. Ik had er vroeger een absolute hekel aan, maar van onze trainer moest het tweemaal per jaar. Dat waren de stilste autoritten naar een zwembad en ook terug, want gegarandeerd voelde het na het loszwemmen alsof je triceps zeven centimeter gekrompen zijn. Drie minuten na de 1500 ben je niet in staat om je armen gestrekt boven je hoofd te steken.
Ik hoop dat Tom een reden krijgt om toch zijn armen de lucht in te werken. Door opnieuw een fenomenaal Belgisch record en, wie weet, een plaatsje in de finale. Een mens moet durven dromen.
Ook al ken ik Tom maar van een paar korte ontmoetingen, toch deel ik mijn respect voor hem met jou, Herman. Het is duidelijk een verstandige kerel, die weet waarmee hij bezig is; geen grootprater, maar eerder het type van de stille harde werker; en ondanks zijn topsportstatus en de meerdere BR-verbeteringen op de 1500m een nederig man zonder ook maar een spoortje “dikke nek”, en misschien steelt hij juist daardoor mijn bewondering. Atleten die ook groot zijn als mens, dat zijn voor mij nog de grootste kampioenen.
Ik heb hem juist zien zwemmen, naar opnieuw een BR, maar ik vrees – gezien het palmares van zijn concurrenten – dat ook dit niet zal volstaan voor een optreden in de finale. Misschien is onze kampioen daarvoor wel net iets te sympathiek, te weinig egoistisch en te slim: hij weet dat er buiten de zwemdok nog een wereld bestaat. Ik twijfel er echter niet aan dat hem juist door dit alles, als hij ooit een punt achter zijn zwemcarrière zal moeten zetten, een nog minstens even mooie toekomst wacht.
Pfoe, toch wel verschoten hoe afschuwelijk hard je moet gaan voor een finale. Het toont ook hoe slecht ik het zwemmen eigenlijk volg (enkel tijdens de Spelen, dus). Maar dat doet idd niets af aan de verdienste van Tom.
En jouw PR eigenlijk op de 1500m, Herman: nog enig idee hoeveel dat bedraagt?
Goeie vraag, Karel. Het is zeker dat ik als 14-jarige 17′46″ zwom, want dat is nog steeds het Overpelts clubrecord (dank u, google). Ik meen mij te herinneren dat ik in Overpelt net onder de 17′ (16′57?) zwom. Ik vraag me nu af of ik na mijn gedwongen overstap naar Mol nog 1500 gezwommen heb, ik weet het eigenlijk niet. Die periode probeer ik immers, met succes blijkbaar, zoveel mogelijk te verdringen …